Friese Adrie tuinboon

Friese Adrie tuinboon

from 2.45
Gewicht:
Quantity:
Voeg toe
 

Omschrijving

 

De Friese Adrie tuinboon is rond 1920 ontwikkeld en het is één van de oude Friese rassen die als soort zijn gered door het Wurkferbân Fryske Rassen. Het is een beigekleurige boon met zwarte navel. Bij het koken verkleurt de boon bruin. De smaak is kruidig en aards, met een licht bittertje. Ondanks de aversie van kindertjes vinden wij deze tuinboon toch een lekkertje. Wat te doen met dit bergje tuinbonen? Omdat dit bonenras zo oud is en bijna de hele wereld heeft aangedaan, heeft de tuinboon in bijna elke eetcultuur sporen nagelaten. Dus met de tuinboon kun je uitbundig internationaal. Een soort alternatieve Elfstedentocht voor de Friese Adrie eigenlijk.

De bonen bevatten per 100 g ongeveer:

  • 25 g eiwit
  • 58 g koolhydraten
  • 26 g voedingsvezels
  • 2 g vet
  • Ze zijn rijk aan vitamine B1, en foliumzuur, aan ijzer, fosfor, magnesium en mangaan
  • Energetische waarde: 1,425 kJ (341 kcal)

Bereiden:

  • Weken: 12 uur
  • Koken: 1-4 uur

Bewaren:

  • Op een droge, donkere plek tot een jaar houdbaar

Suggesties voor gebruik:

  • Curry
  • Ful medames
  • Hummus
  • Soep
  • Stoof met verse groenten
  • Hollandse keuken

 

 

+ Meer informatie

De tuinboon. Geliefd door fijnproevers. Gehaat door kinderen. Het is een grote boon. En gedroogd moeten ze lang koken. Niet voor niets eindigden ze ooit als voer voor het vee. (Kinderen zijn niet gek.)

Het Vicia faba geslacht

De tuinboon stamt ergens uit Europa. Ze mogen dus een titel dragen. Oude Wereld boon. Met hun herkomst passen ook de linze, erwt en kikkererwt in dat doosje.

De vier deden bijna tegelijk hun intrede. Maar in de oudheid zag men linzen, erwten en kikkererwten niet als boon. Pas later mochten die drie toetreden tot de bonenfamilie. Dus de tuinboon ging met de eer strijken van eerste gecultiveerde boon. Als men in oude Europese teksten naar bonen verwees, bedoelde men bijna altijd de tuinboon. Dat bleef zo tot het einde van de Middeleeuwen.

De Friese Adrie tuinboon in jouw hart

De Friese Adrie tuinboon is rond 1920 ontwikkeld en het is één van de oude Friese rassen die als soort zijn gered door het Wurkferbân Fryske Rassen. Het is een beigekleurige boon met zwarte navel. Bij het koken verkleurt de boon bruin. De smaak is kruidig en aards, met een licht bittertje. Ondanks de aversie van kindertjes vinden wij deze tuinboon toch een lekkertje.

De Friese Adrie tuinboon in jouw keuken

Wat te doen met je bergje tuinbonen? Omdat dit bonenras zo oud is en bijna de hele wereld heeft aangedaan, heeft de tuinboon in bijna elke eetcultuur sporen nagelaten. Dus met de tuinboon kun je uitbundig internationaal. Een soort alternatieve Elfstedentocht voor de Friese Adrie eigenlijk.

Begin in India en gebruik je tuinbonen in de Sambhar. Door naar Ethiopië voor het traditionele Gulban gerecht. Stop in Soedan voor de hummus van tuinbonen. Stap over naar Egypte voor de beroemde Ful medames. Door naar Marokko voor de Bessara soep. Doe dan als de Grieken en maak tuinbonen in knoflooksaus. Omhoog naar Kroatië voor de traditionele artisjokken gevuld met tuinbonen en erwten. Steek over naar Italië voor de frittata met tuinbonen, rucola en basilicum. Zak af naar Malta voor de Malteser Kusksu, een groentesoep met tuinbonen en pasta. Probeer dan eens Judd mat gaardebounen, Luxemburgs’ nationale gerecht. En tenslotte, stoot door naar Friesland. En maak de onvervalste Friese soep van de zeekant met je Friese Adrie.

Zie je. Het hoeft niet te vriezen voor die Elfstedentocht.

Rariteit: favisme

Ojee, rond het Middellandse Zeegebied bestaat er iets wat favisme, ofwel de bonenziekte heet. Het komt vooral bij mannen voor. Het is een soort bloedarmoede die leidt tot vermoeidheid, kortademigheid en geelzucht. Het eten van tuinbonen, onze geliefde Vicia faba, kan de symptomen acuut verergeren. Voor deze mensen is tuinbonenonthouding het devies.

Herkomst en verspreidingsgebied

Van welke wilde soort stamt onze huidige Vicia faba af? Wanneer begon de cultivatie? En in welke regio? Het is onduidelijk. De oudste resten van tuinbonen zijn gevonden in een grot bij Nazareth. En uit circa 6500 v. Chr.

Pas duizenden jaren later duiken tuinbonen ineens weer op in nederzettingen uit het bronzen tijdperk. In Spanje, Portugal, Noord-Italië, Zwitserland, Griekenland en het Midden-Oosten. Wat de tuinboon in de tussentijd deed? Joost mag het weten.

Tegenwoordig produceren China, Australië, Frankrijk, Egypte, Soedan, Marokko, Ethiopië, Engeland, Peru en Italië de meeste tonnen tuinbonen.

Maar gelukkig kent Nederland ook een stel lokale variëteiten. Eén van de lekkerste is wel de Friese Adrie tuinboon, uit ons eigen Friesland.