Friese kapucijner

Friese kapucijner

from 1.75
Gewicht:
Quantity:
Voeg toe
 

Omschrijving

De Friese kapucijner is één van de meer dan honderd oude Friese rassen die in stand gehouden worden door het Wurkferbân Fryske Rassen. Deze kreukel is iets dikker dan andere kapucijnerrassen. Maar aan de typerende, futloze kleur hebben ze niet kunnen ontkomen. Vaal. Grauw. Groenbruin. “Kind,” zou oma nu zeggen, “het gaat toch om het karakter.” En ze heeft gelijk. Want deze Friese lelijkerds hebben veel te bieden. De smaak is aards en vlezig, met een speciale kruidige toon. En onder het stevig velletje is er smeuïge romigheid die wacht op ontdekking.

De bonen bevatten per 100 g ongeveer:

  • 20 g eiwit
  • 43 g koolhydraten
  • 20 g voedingsvezels
  • 2 g vet
  • Ze zijn rijk aan vitamine C, aan ijzer, en aan calcium
  • Energetische waarde: 1.286 kJ (305 kcal)

Bereiden:

  • Weken: 8 uur
  • Koken: 40-60 minuten

Bewaren:

  • Op een droge, donkere plek tot een jaar houdbaar

Suggesties voor gebruik:

  • Bij spek
  • Bij varkensvlees
  • Bij zoet
  • Bij zuur
  • Hollandse keuken

 

 

+ Meer informatie

Kapucijners zijn uit de mode. En dat is zachtjes uitgedrukt. En vreselijk jammer. En dat is zachtjes uitgedrukt. Kom op nou jongens. Aan de kapucijners. Ze zijn prachtig heerlijk! En dat is zachtjes uitgedrukt.

Het Pisum savitum geslacht

Kapucijners behoren tot het Pisum savitum geslacht. Het geslacht van de erwten. En schrik niet. Die grauwe vaalheid, en het gedeukte en gekreukte van de kapucijners is geen mislukking, maar een welbewuste zet van moeder natuur. Zij zijn de Beast van deze familie. Aan de Beauty kant horen de doperwt, suikererwt, Groene en Gele erwt. Dat zijn de nuffige typetjes van dit geslacht met fijne ronde, gladde zaden. Even terug naar het aangehaalde liefdessprookje. Wat is de clou van dat verhaal? Juist. Het afzichtelijke beest blijkt een grote innerlijke schoonheid te hebben. En ware liefde is het gevolg. Zo. Onze affectie voor kapucijners kernachtig uitgelegd.

De Friese kapucijner in jouw hart

De Friese kapucijner is één van de meer dan honderd oude Friese rassen die in stand gehouden worden door het Wurkferbân Fryske Rassen. Deze kreukel is iets dikker dan andere kapucijnerrassen. Maar aan de typerende, futloze kleur hebben ze niet kunnen ontkomen. Vaal. Grauw. Groenbruin. “Kind,” zou oma nu zeggen, “het gaat toch om het karakter.” En ze heeft gelijk. Want deze Friese lelijkerds hebben veel te bieden. De smaak is aards en vlezig, met een speciale kruidige toon. En onder het stevig velletje is er smeuïge romigheid die wacht op ontdekking.

De Friese kapucijner in jouw keuken

Deze Friese aardse kreukels willen wat graag met zilt vet op je bord. Schep er wat zoets bij. Lepel iets zuurs ernaast. En je rondje smaak is compleet. Wat voorbeelden nodig voor in je keuken? Let op. Kapucijners met spek, appeltjes, stroop en azijn. (Een echte Friese variant op dit rondje.) Kapucijners met saucijzen in mosterdsaus en gestoofde peertjes. Kapucijners met spek, geroosterde uien en karnemelksaus. Kapucijners en zilveruitjes, naast een stoofpot van sukadelap, pompoen, rozijnen en kaneel. Kapucijners met gestoofde prei en casselerrib in mosterdhoningsaus. Kapucijners met paksoi, ananas en een lekkere bal. (Gehakt.)

Friese kapucijners doen graag mee in jouw perfect rondje.

Rariteit: van kapucijners en kapucijnen

Er is discussie over de oorsprong van de naam kapucijner. Sommige bronnen beweren dat deze erwten hun naam hebben gekregen omdat kapucijnen monniken ze voor het eerst in hun kloostertuinen teelden. Andere bronnen menen dat de vale kleur van de kapucijner deed denken aan het habijt van de kapucijnen, een tak van de orde van de Franciscanen. Voor geen van beide beweringen is bewijs voorhanden. Maar volgens de Nederlandse kapucijnen monnik, Antoon Mars is de ‘echte kapucijn’ aldus te typeren: “De eenvoud zelve, humorvol en één brok energie.” En dat is toch wel heel mooi van toepassing op deze heerlijke erwt, de kapucijner.

Herkomst en verspreidingsgebied Net als de linze en kikkererwt moesten ook de erwten tussen 9000—8000 v. Chr. er aan geloven. Cultivatie. Dit gebeurde in de Vruchtbare Sikkel, een gebied in het Midden Oosten.

Erwten kunnen bijna elk klimaat aan. In de volgende eeuwen verspreidde het erwtengeslacht zich daarom in een groot gebied. Rond 4000 v. Chr. verschenen ze op het toneel in West-Europa. Ze gingen verder naar het noorden, naar de Kaukasus en Oost-Europa. En naar het oosten waar ze rond 2000 v. Chr. India en China bereikten.

Erwten groeien tegenwoordig overal in de wereld. Maar vooral Noord-Europeanen omarmden het erwtengeslacht als belangrijk onderdeel van hun keuken en cultuur. De Friese kapucijners komen uit de Friese wouden in ons eigen Nederland.